Nabeschouwingen

‘De’ groepsfoto. Komt er meestal niet van, deze keer hebben we er tijd voor gemaakt 🙂

Intussen zijn we terug thuis. Dit was een reisje om nooit meer te vergeten. Awesome, ongelooflijke ervaring, vet, gaaf, superlatieven schieten te kort. Goed gezelschap ook.

Op de terugweg in de luchthaven LBY had ik zoiets van ‘als het vliegtuig vandaag niet komt maken we daar geen spel van, we pakken gewoon de tent terug uit’.

Klaar om in het vliegtuig te stappen huiswaarts, met zonnebril om 02:20 ‘s nachts…

Spitsbergen is een bijzondere plek. Bij de meesten niet gekend, bij nog minder geliefd. Voor mij is het in alle geval een plek die een speciale plaats in mijn hart heeft ingenomen.

De goede raad van Rolf Stange over het ‘niet boeken’ van excursie’s op voorhand heeft vruchten afgeworpen. Het weer is inderdaad zo veranderlijk dat je al vlug spijt krijgt van een vast programma. Iedereen in Spitsbergen, toeristen zowel als inwoners, leven met het weerbericht van de dag, en dan nog. We hebben momenten gehad dat het voluit zon was, maar evengoed dat het de ganse nacht zwaar geregend heeft. We hebben momenten gehad van haast de hele dag drizzle en mist, terwijl aan de overkant van Isjfjord de gletsjers de ganse dag voluit in de zon zaten.

Gert in actie bij het doorwaden van een rivier met smeltwater. Wat je niet ziet in de foto is de snelheid van dat water ! wtf…

Zo hadden Gert en Peter een sauna geboekt, met barbecue. Dat was op zich eigenlijk een klucht, maar anderzijds heeft de dame die door de organisatie afgevaardigd was om ons te begeleiden, op het einde een rondrit met de wagen gedaan (wat ze niet mocht) waardoor we de broedplek van de roodkeelduiker hebben gezien. Welliswaar in de regen. (Peter is de volgende dag terug geweest, in zonlicht, om een tweede serie foto’s te maken die veel beter waren). Die duikers hadden we anders nooit gevonden. Zo hebben we ook Eiskat gezien, een meetstation voor het poollicht.

Arctic Skua in close-up. Hij wou niet bepaald mijn vriendje zijn 🙂

Over het kamperen; ikzelf heb het op geen enkel moment koud gehad in de tent. Toegegeven, we waren behoorlijk uitgerust wat materiaal betreft, maar toch. De noordpool is maar 1.300 kilometer verder.. Maar wat echt belangrijk is, de aanwezige hotels zijn allemaal gesitueerd in Longyearbyen centrum. Dat is een functioneel opgezette nederzetting (dorp zou ik het nu niet meteen noemen) met alle nutsvoorzieningen bovengronds. Dus ook de stoompijpen, riool, elektriciteit enzovoorts. Er is helemaal geen rekening gehouden met technische schoonheid. Functionaliteit eerst. Dat was anders op de campsite. Daar zijn ook wel ook enkele bovengrondse leidingen, maar die liggen wat meer gecentreerd en werden bedolven onder een laag stenen. Verder is er vanop de campsite een goed zicht op de overkant van Isjfjord, met 7 gletsjers permanent in zicht. Als het niet te mistig is tenminste. Daarenboven is er tussen de campsite en het fjord een beschermd natuurgebied met een hoop vogels. Waarvan Brandganzen, Noordse Sternen, Bontbekplevieren, Steenlopers en Paarse Strandlopers het merendeel uitmaken (er zijn er nog).

Het broedgebied voor onze kampeerplek.

Dus niemand van ons heeft spijt dat we met de tent gegaan zijn, in tegendeel. Het uitzicht vanuit de tentdeur op 7 gletsjers in volle zon, dikwijls met een zeiljachtje ertussen en een stel ganzen met jongen recht voor je neus slaan alle bezwaren zo weg 😊

Blaffende brandganzen tussen de tenten.

Uitzicht vanop de camping richting ‘stad’.

Een zeilschip komt voorbij de tent.

Komt daar bij dat op de campsite er een aantal gidsen verblijven. Dat is een speciaal volkje, meestal Duitsers, ook enkele Finnen. De meesten zijn zelfs fatsoenlijk opgeleid, doch verkiezen een lucratief leven van ‘living on the edge’ in plaats van aan ‘onze’ ratrace deel te nemen, zoals wij. Ik vraag mij meer en meer af of zij wel ongelijk hebben… na deze trip weet ik dat niet meer zo zeker. (Mijn ‘persoonlijke’ gids had Fysica gestudeerd.)

Afdaling van de gletsjer Lonyearbeen.

In alle geval, als je op de camping neerstrijkt zonder agenda, zoals wij, kan je direct aan de slag met deze gidsen. Die gasten zijn meer dan gewillig om een tripke te ‘verkopen’. Dat kan blijkbaar tegenvallen, dixit andere campinggasten, maar voor ons was dat zeker niet het geval. Wat we er mee geboekt hebben is helemaal goed gegaan, geheel volgens verwachtingen en afspraken.

Oef. I made it to the other side !

Peter bij een ijsblokske.

SAS is een ander verhaal. Geen probleem met de vluchten of service op zich, maar de aansluiting in Oslo is zowel in het heenvliegen als in het terugkomen problematisch geweest. In het heengaan was de oorzaak een vertraging, ergens in de blog staat het allemaal beschreven door Peter, dus dat ga ik niet herhalen. Maar in het terugkomen was er een probleem bij de lokale politie, die dacht dat ze elke Chinees (lees: een hoop Chinezen) die van het vliegtuig kwam hun vingerafdrukken moest nemen, en zij hadden daar zo hun eigen tempo voor. Het resultaat was dat we redelijk boertig ruzie hebben moeten maken met de andere passagiers zowel aan de paspoortcontrole als aan de bagagecheck teneinde hen voor te kunnen steken om toch nog onze aansluitingsvlucht tijdig te halen. Met grote frustraties bij de anderen… en niet geheel onterecht natuurlijk. Dit was helemaal niet netjes. Toen we daar uiteindelijk mee klaar waren is er een hele groep jonge meisjes tussen Oslo en Brussel in tettermodus gegaan. Die waren allemaal op weg naar Tomorowland, en waren helemaal excited… Het was wel midden in de nacht ☹ en wij waren doodop ! Dus van slapen kwam niks in huis.

Spitsbergen vanuit de lucht.

In alle geval, we hebben weer van alles geleerd. Leuke dingen gedaan, chance gehad (eerste keer met dat fietsongeluk, tweede keer met die catamaran die tegen de stijger is gegaan…)

Er zijn ook droevige dingen… In het museum is ons duidelijk geworden dat de mensheid ook hier lelijk heeft huisgehouden onder het dierenrijk (haast uitroeien van verschillende soorten walvissen… exploiteren van huiden van bvb de poolvos (nu nog steeds), toeristen die ijsberen ‘opzoeken’ en vervolgens uit zelfverdediging ‘moeten’ schieten…, vervuiling van de oceaan (plastic op de stranden, drifthout etc) maar ook en heel actueel, de klimaatverandering. De inkrimping van de gletsjers, het verminderen van het aantal alsook het inkrimpen van de gebieden waar ijsschotsen zouden moeten zijn… (ijsberen leven voornamelijk in deze zones op de ijsschotsen). Ik ben zelf ook getuige geweest van de arrogantie van de zoveelste Chinese toerist met mega telelens die gewoon straal voorbijloopt aan alle waarschuwingsborden van gevoelige zone, broedgebied dus, en voor ‘zijn’ kiekje tussen de nesten ging wandelen… tot de eigenares van de campsite hemzelf ging fotograferen en stevig bedreigen met melding aan de Syselmannen. En dan nog was hij niet geneigd om zich terug te trekken hoor..

Het probleem is dat er morgen weer eentje is… en de dag daarachter ook… en enkele dagen verder zijn er dan plots geen kuikens meer. Telkemale ze verstoord worden door een toerist vliegen de ouders op, de kuikens blijven alleen achter, en de Skua’s of de grote burgemeesters ruimen op… hij zal wel mooie foto’s hebben natuurlijk ☹

Seafood in de Coop.

De middernachtzon ervaren is ook iets om te vermelden. Het heeft enkele dagen tijd nodig gehad vooreer ik kon slapen, het is dan ook een heel speciale ervaring. Er is (haast) geen verschil tussen dag en nacht, en al helemaal niet als de lucht helder is. De zon komt niet onder de 30 graden elevatie, je schaduw is altijd even lang. Al een chance dat we een uurwerk meehadden 😊. De locals hebben hun slaapkamerramen allemaal afgeplakt met zilverpapier om te proberen de nacht te simuleren. Ik denk dat je het anders ook niet volhoudt.

Er is maar 1 grote winkel, een Coop en die heeft zowat alles. Behalve wapens. Het valt wel op dat alles wat groen ziet heel duur is. Een bloemkool waarvan wij denken dat ze veel te klein is kost een klein fortuin. Alles moet natuurlijk ingevlogen worden, en je vraagt je af waar we als mensheid  mee bezig zijn als je ziet dat er zelfs Kiwi’s in het rek liggen… Voor de liefhebbers van seafood was er daarentegen wel e.e.a. te krijgen aan schappelijke prijzen.

Conclusie:

Wil ik terug? Ja.

Wanneer? Zo snel mogelijk.

Heb ik ergens spijt van? Nee, behalve dan dat ik moest terugkomen naar de ‘echte’ wereld…😊

Een aanrader !!

‘stukske’ ijs…

(Jan)

 

 

Walrussen !

Dag vijf (?), in alle geval de dag dat Belgium de Engelsen ook met de A-ploeg in de pan hakten, in Spitsbergen beter bekend als ZEEZOOGDIEREN-dag.

Better Moments, zo heet de maatschappij bij wie we op onze eerste dag, na consultatie van het lokale weerbericht, onze safari naar de dichtstbijgelegen walrussen boekten. En dat zouden we geweten hebben…

Het weerbericht was wel verkeerd, behalve dat er inderdaad weinig of geen wind was, dus zouden we sowieso het Poolepynten-punt op een eilandje ten westen van Longyearbyn kunnen bereiken, want geen metershoge golven. Hoog genoeg weliswaar voor Jan om de hele trip op het achterdekje ‘in de frisse lucht’ mee te maken (heen en terug). Maar walrussen die waren er dus wel (read on).

Dus, na een drie uur Bobbenjaanlands-gewijs te hotsen en botsen in de mistige miezer met zicht op vrijwel niks, konden we de boot een tweede keer stilleggen. De eerste keer was om een close-up te nemen van ons eerste zeezoogdier van de dag, een minke whale die een stuk lumber bleek te zijn met een tak in de vorm van een rugvin. Gauw deleten al die foto’s dus…

Maar tweede keer goede keer. Met de kleine opblaas-Dinghy verlieten we in shiften de overdekte speedboot om op Poolepynten aan land te gaan. Met wind mee richting de walrussen (er lagen er een stuk of 20), enerzijds om die beestjes, die liggen te liggen, en absoluut niet mogen gestresseerd geraken, niet te laten verschieten, en anderzijds om als observator zelf niet in zwijm te vallen van de afschuwelijke stank die, ik weet niet uit welk van de lichaamsopeningen (waarschijnlijk allemaal tegelijk) die beesten verlaat.

De beesten verder beschrijven doe ik niet. Een foto zegt meer dan duizend woorden en Jan heeft er een duizendtal (niet overdreven) geschoten, waaruit een strikte selectie voor deze blog…

Dan terug de boot op om na twee en half uur roller-coaster-gewijs (met een stopje aan een klif met kleine alken, zeekoeten en een grote burgemeester) terug aan te meren in Longyearbyn-Centraal.

Maar dan was de dag nog niet om. We gingen nog eten maken, voor bij de voetbal: Noorse zalm met baby spinach, broccoli-shoots, onze witte saus die Jan en Gert enkele dagen terug hadden ontdekt, venkel, en een gekookt potet-je (Noors voor… jawel). Vergezeld een Vignamaggio (Terre di Prenzano, Gallo Nero, 2016). Hazard had net de 2-0 gescoord en toen werd er ‘Beluga’ geroepen. Zonder jas en met losse wandelboots de kamping-shed uitgestormd tot in de haven (slechts een goeie 2 km verderop), waar we, ook weer zonder overdrijven, tussen de 15 en 25 Beluga’s de Adventfjorden zagen binnenzwemmen. Ik had nog geen looptraining gehad deze week, dus dat sprintje naar de haven kon er wel af. En zo konden we, wel niet met Jan zijn kanon, enkele kiekjes (en filmpkes) schieten. Genoeg adrenaline om nog effie op te teren vooraleer te gaan maffen. De zon is ondertussen erdoorgekomen (’t is 20:00u), en omdat het nog steeds windstil is gaan we de antenne voor de radio vanavond nog opstellen. In de hoop dat ook de poolvos curieus genoeg is om naar onze installatie te komen zien.

Wordt vervolgd!

En hier is het vervolg… De antenne stond net op, en Gert had zijn eerst QSO gemaakt, en daar was de Spitsbergse Reinaert!

(Peter)

Bear !!

Op de terugtocht van ons bootreisje naar Pyramiden wacht ons nog een aangename verrassing. Plots gaan de motoren uit, iedereen aan dezelfde kant van de boot, camera’s en verrekijkers in de aanslag. Daar is hij dan, een ijsbeer !

Het doet wat raar aan, een ijsbeer te zien temidden van al dat groen. Hier is nu geen sneeuw en ijs meer, het is dan ook midden zomer. Op foto’s die we normaal te zien krijgen op TV zitten ze ofwel op een ijsschots, ofwel in de zoo😊 Zo kan het dus ook…

De kortste afstand die we met de boot kunnen bereiken is natuurlijk veel te ver om een deftige foto te kunnen nemen, ik vraag mij dan ook af wat iedereen daar met zijn GSM denkt te filmen.

Eerst lag hij precies maar wat te slapen (een Chinese vriend van Peter (inside joke) was de overtuiging toegedaan dat het slechts een witte steen was) maar toen hij uiteindelijk in beweging kwam werd iedereen snel luid enthousiast. De show was na 30 seconden alweer over hoor, hij leek nogal lui 😊

In alle geval, het zien van een ijsbeer in het wild was een van de drijfveren om naar Spitsbergen te komen. Doel bereikt ! De honger naar meer is nu helemaal daar !

Some random pictures of today.

De pier waar de RIB’s vertrekken

De ‘bootroom’ van de Radisson Blu. Nooit gezien. Blijkbaar is het in Spitsbergen de gewoonte om je schoenen uit te doen als je ergens binnengaat. Dat is dus ook zo voor een 400 Euro hotel 🙂

 

Mainstreet in Longyearbyen. Wel, eigenlijk is dat niet helemaal waar. In Longyearbyen zijn er helemaal geen straatnamen.

Spreekt voor zich…

Deze foto is genomen omstreeks twee uur ‘s nachts. Merk op dat het nog een ‘beetje’ licht is 🙂

Gert drinkt van de Gletsjer, moeten we toch gedaan hebben niet?

 

Jan

 

Dag 2 – Sarkofagen

Dag twee (of is het al drie; t.t.z. de dag na het 1-0 verlies van onze wonderboys in den halve final):

Hike up Sarkofagen: Yes, we made it all three!

Beginnen langs links (kant van de ‘Lars glacier’). Na een half uurke naar boven kreffelen tussen keien en kolkende stroompjes Lars-glacier-smeltwater beslist om van schoeisel te veranderen en voor de overtocht ons caoutchouc-botten aan te doen, die we tot dan hadden meegesleept.

 

Aan den overkant bottekes achtergelaten en dan den echte berg op; ieder op zijn eigen tempo.

Bij de voet van de gletsjer poolvosje de ijsmassa zien oversteken en dan op de crest van de Sarkofagen naar de top, waar kleine alkjes in zwermpjes lawaai maken. Gastenboekje op de top ingevuld [btw het is vandaag 11 juli, dus de Vlaamse Nationale feestdag; in 1302 konden we nog wel van de Fransen winnen 😉 ].

De afdaling langs en over de Longyearbreen (breen is Noors voor gletsjer) was een hele ‘challenge’. Slippery when wet is hier een understatement.

Eens goed en wel van de gletsjer af en weerom beneden, terug botten gaan zoeken die we bij de oversteek hadden verstopt en dan terug de kolkende stroompjes doorgewaad richting vertrekplaats (waar busje geparkeerd stond). Behalve bibi die dacht smart te zijn en omgelopen was via de bruggetjes (was maar enkele kilometers, maar wel droog).

Soit, morgen boottochtje naar Pyramiden, dus dan kunnen we het grootste deel van de dag zitten!

Peter

Packlist modus, the day before..

Altijd hetzelfde, wat moet mee, wat wil ik echt mee hebben, (nice to haves) en wat kan er uiteindelijk mee… die begrippen liggen mijlenver (lees kilo’s) uit elkaar.

Kamperen op Spitsbergen is weer wat anders, niet in het minst omdat we alles in dat vliegtuig moeten zien te krijgen 🙂

Mijn handbagage zit weer 2 kilogram over gewicht, en ik kan er echt niks meer uitgooien… we hebben het radiogebeuren reeds thuisgelaten, ik ga nu echt niet mijn fotogerief ook nog weglaten. Dan kan ik mezelf ook evengoed thuislaten 🙂

Gert moet zijn charmes maar gebruiken aan de incheckbalie 🙂

Het kort nu echt af !

#excited #polarbearwanttosee!

Jan